Het wettelijk kader

Voor de heel geïnteresserden introduceren we hieronder nog even het wettelijk kader rond opleiding en bijscholing.

Het Paritair Comité 200

Elk bedrijf in België ressorteert onder een bepaald paritair comité, afhankelijk van de bedrijfstak waarin het bedrijf opereert.

Zo een comité is een overlegorgaan dat we "paritair" noemen vanwege haar paritaire samenstelling: het bestaat uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van werkgeversorganisaties (zoals het VBO) en werknemerorganisaties (zoals vakbonden).

In ieder geval, binnen zo een paritair comité wordt onder andere onderhandeld over collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO's). Op die manier bepaald het paritair comité welke reglementering (bijvoorbeeld inzake loonbarema's en arbeidsduur maar dus ook inzake opleiding) door de bedrijven die eronder vallen gevolgd moet worden.

Codifly valt als ICT-bedrijf onder het Aanvullend Paritair Comité voor Bedienden (APCB), beter bekend als PC 200.

Sectorverplichtingen: wat zegt de CAO over opleiding

Vooreerst: de CAO omvat in haar definitie van opleiding zowel formele opleiding (door lesgevers of sprekers ontwikkelde cursussen) als informele opleiding (andere opleidingsactiviteiten die rechtstreeks betrekking hebben op het werk, met inbegrip van deelname aan conferenties of beurzen voor leerdoeleinden). Dit is belangrijk wanneer we het hieronder hebben over opleidingsdagen: beide vormen van opleiding tellen immers mee!

Hier vind je de laatste nieuwe CAO inzake opleiding.

De CAO maakt een onderscheid tussen:

  • Individuele opleidingsdagen: een aantal opleidingsdagen waarop elke individuele bediende in principe recht heeft.
  • Collectieve opleidingsdagen: een gemiddeld aantal dagen per VTE berekend op het niveau van de onderneming, die door de werkgever vrij kunnen verdeeld worden over de verschillende bedienden in functie van de behoefte van de onderneming.

Voorbeeld: een bedrijf met 10 werknemers moet in de periode van 01/01/2024 tot 31/12/2025 in totaal 45 opleidingsdagen aanbieden aan zijn bedienden van pc 200. Elke individuele bediende van pc 200 heeft in die periode recht op 1 opleidingsdag in 2024 en 1 dag in 2025 (individuele dagen). De andere dagen mogen door de werkgever vrij verdeeld worden over de bedienden van pc 200 (collectieve dagen).

De begrippen 'collectieve' en 'individuele' dagen verwijzen dus niet naar de vorm van de opleiding. Of een opleiding in groep dan wel individueel gevold wordt, bepaalt niet of het om een collectieve of een individuele opleiding gaat.

Niet-opgebruikte opleidingsdagen gaan over naar het volgende kalenderjaar en worden dan opnieuw toegevoegd aan het opleidingskrediet. Na een periode van vijf jaar wordt het saldo van elke bediende op 0 gezet.

Het opleidingsplan

Bedrijven met minstens 20 werknemers moeten jaarlijks voor 31 maart een opleidingsplan registreren (= de wet van 3 oktober 2022 ofwel de "arbeidsdeal").

Het plan wordt voor een minimumduurtijd van één jaar gesloten. Het plan moet zowel formele als informele opleidingen bevatten en toelichten op welke wijze deze opleidingen bijdragen tot de algemene opleidingsinspanning die op sectoraal niveau is vastgesteld.

Cevora

Binnen PC 200 bestaat er een zogenaamd Sociaal Fonds, een grote geldpot. Bedrijven betalen hun RSZ aan de staat en een klein deel daarvan gaat in de geldpot. Daarmee kan het Sociaal Fonds de bedrijfven van PC 200 financieel steunen. Eén van de dingen die ze met het geld uit de geldpot doen, is het financieren van Cevora, het "vormingscentrum" binnen PC 200.

Cevora richt zich tot werkgevers, maar ook rechtstreeks tot (ex-)werknemers en werkzoekenden. De voornaamste diensten aangeboden door cevora zijn opleidingen, opleidingspremies (financiële ondersteuning voor opleidingen) en outplacementbegeleiding.

Meer informatie via:



Terug naar het overzicht van leermomenten